STAR TREK 11
JONGE HONDEN DOMINEREN STAR TREK 11
Het is 15 april 2009, tegen half zes ’s middags. Op het Brussels Internationaal Festival van de Fantastische Film (BIFFF), gehouden in een voormalige loods in het havengebied van de Belgische hoofdstad, is het een drukte van jewelste. De reden: de vertoning van de langverwachte elfde Star Trek-film én de aanwezigheid van twee van de hoofdrolspelers, Karl Urban en John Cho. Eerstgenoemde maakt in de film zijn opwachting als arts Leonard ‘Bones’ McCoy, de ander als roerganger Hakaru Sulu.
Wanneer Urban en Cho de VIP-lounge in wandelen, stormen simultaan fans en cameraploegen op de geboren Nieuw-Zeelander en Zuid-Koreaan af. Goedgeluimd staan ze iedereen te woord, delen ze handtekeningen uit en poseren ze met deze en gene. Na een minuut of tien verdwijnen ze echter alweer – om een half uurtje later op het podium van de filmzaal weer op te duiken.
Ten overstaan van een uitzinnige menigte vertonen Urban en Cho na elkaar hun zangkunsten. Urban gaf met zijn donkere stem een fragment van “Moonlight Drive” van The Doors ten gehore. Cho koos voor “Kiss” van Prince c.q. Tom Jones, maar bracht het in de uitvoering van eerstgenoemde, dus met een hoog stemmetje. De fans smullen ervan, maar willen natuurlijk ook nog wat anders uit de monden van de sterren horen. Veel komt daar evenwel niet uit. Want, zo blijkt uit de woorden van Cho, ze hebben haast. “Bedankt dat jullie zijn gekomen. Dit is een waanzinnig festival. Jammer genoeg kunnen we niet blijven, omdat we naar belangrijkere plaatsen moeten gaan”, verklaart de Aziatische acteur met een brede, licht ironische grijns. “Hoe maak ik mezelf populair in Brussel?”, is de retorische vraag die de presentator hierna stelt. Waarop Urban zich haast om de boel te sussen door vol elan te zeggen: “Jullie kunnen jezelf gelukkig prijzen, want jullie hebben de prachtigste stad die ik ooit gezien heb! Ik ben ontzettend blij om hier te zijn.” Omdat ze niet kunnen blijven, kan ook de geplande Q&A na afloop van de voorstelling geen doorgang vinden. Als pleister op de wonde krijgen alle bezoekers na afloop een presentje. Dat blijkt een poster (op circa A3-formaat) van de film te zijn.

Dan breekt het uur U aan: de start van de film, die simpelweg “Star Trek” heet. Het gebruikte logo is dat van “The Original Series”, en dat is allesbehalve verwonderlijk. Immers, de gebeurtenissen in de film voltrekken zich een aantal jaren vóór de allereerste tv-aflevering, “The Cage”. In die eerste, afgekeurde pilot voerde niet Captain James T. Kirk het bevel over de Enterprise, maar Captain Christopher Pike, die later ook nog te zien was in ‘archiefbeelden’ in “The Menagerie”. Nu kunnen we dan eindelijk, 45 jaar na dato, nader kennismaken met Pike (Bruce Greenwood).
Omdat het een prequel is, zien we de bekendste bemanningsleden van de Enterprise in hun jonge jaren. Hierbij wordt met name de handel en wandel van Kirk (Chris Pine) en Spock (Zachary Quinto) voor het voetlicht gebracht. Zo vernemen we hoe Kirk aan zijn voornamen James Tiberius is gekomen en zien we Spock gedrag tentoonspreiden dat we niet zo van hem gewend zijn. Iemand die nu wat meer op de voorgrond treedt dan voorheen, is Uhura. Ook horen we nu – dankzij Spock – wat haar voornaam is, al bestaan er Star Trek-publicaties waarin deze ooit genoemd is.
Verdere bekende personages zijn, naast de al genoemde McCoy en Sulu, Montgomery ‘Scotty’ Scott (Simon Pegg), Pavel Chekov (Anton Yelchin) en Spocks ouders Sarek (Ben Cross) en Amanda (Winona Ryder). Ook verschijnt zowaar even een ‘Orion Slave Girl’ (Diora Baird), al komt deze groene dame niet echt als een slavin over. Majel Barrett, de weduwe van Gene Roddenberry, leende haar stem aan de computer van de Enterprise, iets wat voor haar vertrouwd terrein was. Triest genoeg werd het haar laatste filmrol. Christopher Doohan, zoon van de in 2005 overleden James ‘Scotty’ Doohan, is te zien als Starfleet-officier, werkzaam aan de zijde van Scotty. Christopher en zijn tweelingbroer Montgomery (!) hadden 30 jaar geleden, à propos, gefigureerd in Star Trek: The Motion Picture.

Centraal in de fonkelnieuwe Star Trek-film staat de immense dreiging die uitgaat van een groep wraakzuchtige Romulans onder aanvoering van ene Nero (Eric Bana). Net als de gelijknamige Romeinse keizer betreft het ook hier een wreed heerschap. Met deze Romulans moet de grotendeels (piep)jonge bemanning van de Enterprise, onder bevel van Captain Pike, de confrontatie aangaan. Dat leidt tot de meest hachelijke situaties en culmineert in een bikkelharde strijd. Hierdoor krijg je soms de indruk, dat je zit te kijken naar een vervolg op “Starship Troopers” of “Doom” (waarin Urban trouwens ook van de partij was).
In de film wordt echter ook de nodige aandacht besteed aan de verhoudingen tussen de hoofdpersonen. Niet zelden is de onderlinge sfeer er een van ‘ouwe-jongens-krentenbrood’. Kirk toont zich een vrolijke, avontuurlijk ingestelde flierefluiter die het niet zo nauw neemt met regels en protocollen. Bij het portretteren van Kirk liet Chris Pine zich inspireren door de personages Han Solo (uit Star Wars) en Indiana Jones, allebei gespeeld door Harrison Ford. En inderdaad doet hij daar vrij sterk aan denken. Dat de vooral als komiek bekend staande Brit Simon Pegg gecast is als Scotty, zal menig Star Trek-fan voor het ergste doen vrezen. Zij kunnen echter gerust zijn: Pegg heeft er geen karikatuur van gemaakt, al is enig gevoel voor humor hem niet vreemd. Maar humor is ook onlosmakelijk verbonden met Scotty. Minder geslaagd daarentegen was het besluit om hem een koddig buitenaards hulpje te laten hebben…

Met deze elfde Star Trek-film wil Paramount een nieuw en vooral jong publiek bereiken. Met dat doel voor ogen had de maatschappij J.J. Abrams aangetrokken. Aanvankelijk alleen als producent, maar later tevens als regisseur. Abrams is vooral bekend geworden als de grote man achter de successeries Alias en Lost. Wat films betreft heeft hij titels op zijn naam staan als “Joy Ride”, “Mission Impossible III” en “Cloverfield”.
Vreemd, zo niet onbegrijpelijk, is het feit dat Abrams, zelf nota bene een Star Trek-fan, hier en daar de Star Trek-geschiedschrijving geweld aandoet door iets anders te laten gebeuren dan wat in de Star Trek-annalen staat. Het lijkt welhaast of hij bepaalde gebeurtenissen uit het Star Trek-verleden altijd al anders had willen zien en nu zijn kans schoon zag om de geschiedenis op die punten te herschrijven. Maar of dat ook inderdaad de achterliggende reden is? Joost – of liever gezegd: Jeffrey Jacob (J.J.) – mag het weten.
Enige tijd leek het erop dat er na “Star Trek: Nemesis” (2002) nooit meer een Star Trek-film gemaakt zou worden. Maar toen het er tóch van kwam, was het uitgangspunt dat het een flitsende film moest worden waaraan ook niet-ingewijden plezier zouden kunnen beleven. En het moet gezegd, dat is heel aardig gelukt, al zal misschien niet elke Star Trek-fan er gelukkig mee zijn dat in de cast alle oudgedienden op één na ontbreken en dat het een film is geworden met een hoog MTV-gehalte.
© Ton van Rooij, 2009.